Het ‘Art Museum’ in Monroe, Louisiana houdt tot en met 24 februari een bijzondere tentoonstelling. De komende 2 maanden staat Elvis er centraal, en dan met name zijn wervelende optredens op de live radioshow ‘Louisiana Hayride’. Het accent ligt op foto’s van toenmalige persfotografen, en de laatste show van Elvis (31 maart 1956) in het Municipal Auditorium aan, wat nu heet, Elvis Presley Avenue. Hieronder vind je het integrale (Engelse) artikel van persagentschap AP.
[b]Het Louisiana Kunst museum houdt een vrolijk blue christmas.
Ze hebben een blue christmas met Elvis. Maar het is een vrolijk. Elvis Presley haalt nog steeds het volk binnen. In het museum, eigendom van de stad, in het noordoosten van Louisiana, is hij de hoofdattractie tijdens de vakantie. Tot 24 februari, stelt het Masur Museum of Art in Monroe, La., foto’s tentoon van Presley’s laatste optreden op de Louisiana Hayride – de country muziek show waar men van een omroeper beweert dat hij de eerste zou zijn geweest die zei, “Ladies and gentlemen, Elvis has left the building” en door lokale artiesten interpretaties van de King of Rock ’n Roll.
“De opkomst is al fantastisch geweest. Het is een leuke show, eentje waar je gemakkelijk de hele familie mee naartoe kunt nemen,” zei Evelyn Pell, curator van de tentoonstellingen en verzamelingen in het Masur. “Iedere leeftijd kan hiervan genieten, omdat iedereen weet wie Elvis is.”
Het museum is in het blauw versierd, waarmee aandacht word geschonken aan Presley’s neerslachtige vakantie favoriet, “Blue Christmas.” Kransen buiten hebben blauwe linten, en blauwe en zilveren ballen, en de zalen zijn versierd met blauwe lichtjes en blauw en zilver decoraties.
De foto’s zijn zwart/wit, genomen door personeel voor de Shreveport krant op 15 december 1956, tijdens een benefiet opgezet als deel van Colonel Parker’s overname van Elvis 200$ per week contract bij de Hayride voor 10000$. Parker, de manager van Presley, had al grotere overeenkomsten gesloten voor Elvis: een platencontract voor 40000$, een filmcontract voor zeven jaar en televisieoptredens.
Wijlen Langston McEachern van de Times en Jack Barham van de Shreveport Journal, een middagkrant die de persen stillegde in 1991, waren vrienden en concurrenten.
“De Times was aan een kant van het gebouw, de Journal aan de andere,” herinnert Barham zich. “We gingen samen naar opdrachten. We waren echte concurrenten tot een van onze camera’s niet werkte of ons filmrolletje op was, en dan ruilden we.”
Barham, die de rechten hield op de negatieven die de krant niet gebruikte, ontmoete Presley terwijl hij een verslag maakte over een andere artiest op de Hayride, een rechtstreekse country muziek show uitgezonden op KWKH-AM radio.
Ik ging achter het gordijn om andere hoeken te krijgen voor mijn foto’s te nemen. Er lag daar een jongen op de grond tussen de gordijnen, met een gitaar, weet hij nog. Ik stapte twee maal over hem. Ik zei, ‘Wie ben jij in Godsnaam?’ Hij zei, Ik ben Elvis Presley, mijnheer.”
Ze werden vrienden. Wanneer Presley in de stad was, belde hij Barham op en nodigde hem uit om iets te gaan drinken.
Een van McEachern’s foto’s toont Presley in 1954, het jaar zijn eerste twee singles zijn uitgebracht. “Hij draagt een pak en vlinderdas, en zijn groep is gekleed in Western cowboy kledij,” zegt Pell. Hij ziet er heel verlegen uit. Alsof hij nerveus is.”
Het Hayride benefiet optreden kwam op het einde van een jaar, dat begon met het uitbrengen van de hit waarmee hij uitbrak: “Heartbreak Hotel.” Presley had twee singles in 1954 en zeven in 1955. Hij ging verder in 1956 met 21 singles, tien ervan waren extended play met twee liedjes aan elke kant, en zijn eerste twee langspeelplaten, met zes liedjes per kant.
De 3200 zitplaatsen in het Municipal Auditorium, de thuisbasis van de show, waren niet genoeg dus zong Elvis voor 10000 mensen op de State Fair Grounds.
Fans betaalden in voorverkoop 2$, en 2,50$ aan de ingang. Presley gaf handtekeningen voor polio slachtoffers in ijzeren longen. De opbrengst ging naar het YMCA.
Op het podium, toonde hij de grijns en de heupbewegingen wat ouders deed vrezen voor hun dochters.
“Er zijn enkele hele mooie foto’s van hem op zijn knieën, op het podium – het hart van het optreden wanneer je denk aan Elvis die optreedt,” zegt Pell.
De volgende dag, beschreef de Times het gebeuren als “een van de fraaiste vertoningen van massa hysterie in de geschiedenis van Shreveport.
“De heupwiegende toerende troubadour werd zelden of niet gehoord door het publiek, dat schreeuwde elke keer als hij bewoog,” zo werd geschreven.
De foto’s kwamen zes jaar geleden aan het licht, wanneer het Meadows Museum in het Centenary College in Shreveport zich voorbereide op een exibitie van Jay Leviton’s foto’s van Presley’s tournee in 1956.
Diane Dufilho, directeur van het Meadows Museum zegt dat ze naar de Times en Journal fotografen was gestuurd door iemand die zich hun foto’s herinnerde.
McEachern “had al deze negatieven in een schoendoos,” zei Dufilho.
Voor de andere exhibitie van Masur, zei Pell, “kozen we artiesten uit de omgeving waarvan we wisten dat ze ons kwalitatieve en creatieve kunstwerken konden bezorgen.
Velen zijn portretten, maar er is een olie pastel van lippen – de Elvis grijns, the Elvis lach, en zo verder – met titels van Presley hits, door Linda Snider Ward. Bij de portretten is een mozaïek, door Staci Mendaries, van stukjes gebroken platen.
Er is ook een foto door Camille Jungman, een kunsthistorie instructeur aan de universiteit van Louisiane in Monroe, van de eigenares van een schoonheidssalon die naast haar portret van Elvis op fluweel staat, vlak naast “een verhaal over hoe ze Elvis heeft ontmoet toen hij jong was, en dat hij zo lekker rook en zo knap was. Er is een veel respect en liefde voor hem,” zei Pell.
En ja, zei ze, “We hebben een fluwelen Elvis. In elke show, moet je er een hebben denk ik”.
Het schilderij op paars fluweel, door Randy Jolly, heeft bergkristallen op de King zijn wit geschilderd jumpsuit.
De show trok al veel mensen die misschien niet naar meer traditionele exhibities komen.
“We hebben al heel veel Elvis fans gehad; we hebben mensen gehad die zich de Louisiana Hayride nog kunnen herinneren, ernaar luisterden als ze opgroeiden, velen willen hun Elvis verhaal vertellen,” zei Pell. “Of ze hebben de naam van iemand waarvan ze weten dat die samen met Elvis naar school ging, en die we eens moeten bellen voor hun verhaal.”
[-]Louisiana art museum has a merry blue Christmas
They’ve got a blue Christmas with Elvis. But a merry one. Elvis Presley is still pulling ‘em in. At a city-owned museum in northeast Louisiana, he’s the main attraction for the holidays. Through Feb. 24, the Masur Museum of Art in Monroe, La., is showing photographs of Presley’s last appearance at the Louisiana Hayride – the country music show at which an announcer is purported to have been the first to say, “Ladies and gentlemen, Elvis has left the building” and local artists’ interpretations of the King of Rock ’n Roll.
“Attendance has been great. It’s a fun show, and one that’s real easy to bring the family to,” said Evelyn Pell, curator of exhibitions and collections at the Masur. “All ages can enjoy this, because everyone knows who Elvis is.”
The museum is decorated in blue, celebrating Presley’s depressive holiday favorite, “Blue Christmas.” Wreaths outside include blue ribbons and blue and silver balls, and the halls are decked with blue lights and blue and silver decorations.
The photographs are black and white, taken by staffers for Shreveport’s daily newspapers at a Dec. 15, 1956, benefit set up as part of Col. Tom Parker’s $10,000 buyout of Presley’s $200-a-week contract with the Hayride. Parker, Presley’s manager, already had signed bigger deals for Elvis: a $40,000 recording contract, a seven-year movie contract and television appearances.
The late Langston McEachern of The Times and Jack Barham of The Shreveport Journal, an afternoon paper which folded in 1991, were friends and competitors.
“The Times was on one side of the building, the Journal on the other,” Barham recalls. “We’d go on assignment together. We’d be in real competition until one of our cameras didn’t work or ran out of film, and we’d swap.”
Barham, who kept the rights to any negatives the paper didn’t use, met Presley while covering another performer on the Hayride, a live country music show broadcast on KWKH-AM radio.
“I was going behind the curtain to get different angles to shoot. There was a kid lying down between the curtains there, with a guitar,” he recalled. “I stepped over him twice. I said, `Who the hell are you?’ He said, ‘I’m Elvis Presley, sir.’”
They became friends. When Presley was in town, he’d call Barham and invite him out for drinks.
One of McEachern’s photographs shows Presley in 1954, the year his first two singles were released. “He’s wearing a suit and bow-tie, and his band is in Western cowboy gear,” Pell said. “He looks really timid. Like he’s nervous.”
The Hayride benefit performance came at the end of a year that began with the release of Presley’s breakout hit “Heartbreak Hotel.” Presley had two singles in 1954 and seven in 1955. Then in 1956 he went on to 21 records, 10 of them extended play records with two songs to a side, and his first two long-playing albums, with six songs per side.
The 3,200 seats in the show’s usual home, the Municipal Auditorium, weren’t enough so Elvis sang before 10,000 people at the State Fair Grounds.
Fans paid $2 in advance, $2.50 at the door. Presley signed autographs backstage for polio victims in iron lungs. Proceeds benefited the YMCA.
On stage, he showed off the sneer and gyrations that made parents fear for their daughters.
“There’s some really great shots of him on his knees, on stage _ the heart of the performance you think of when you think of Elvis performing,” Pell said.
The next day, The Times described the event as “one of the finest displays of mass hysteria in Shreveport history.”
“The gyrating rotary troubadour was seldom if ever heard by an audience, screaming every time he moved,” it reported.
The photographs came to light six years ago, when the Meadows Museum at Centenary College in Shreveport was preparing an exhibit of Jay Leviton’s photographs of Presley’s 1956 tour.
Diane Dufilho, director of the Meadows Museum, said she was directed to the Times and Journal photographers by someone who recalled their photos.
McEachern “had all these negatives in a shoebox,” Dufilho said.
For the Masur’s other exhibit, Pell said, “We chose artists in the area to bring people we knew could bring us quality artwork and creative artwork.”
Many are portraits, but there’s an oil pastel of lips _ the Elvis sneer, the Elvis smile, and so on _ with titles of Presley hits, by Linda Snider Ward. The portraits include a mosaic, by Staci Mendaries, of bits of broken records.
There’s also a photograph by Camille Jungman, an art history instructor at the University of Louisiana at Monroe, of a beauty parlor owner standing next to her portrait of Elvis on velvet, hanging next to a “story about how she got to meet Elvis was young, and he smelled so good and was so handsome. There’s this great respect and love for him,” Pell said.
And yes, she said, “We have one velvet Elvis. In every show, I guess you have to have one.”
The painting on purple velvet, by Randy Jolly, includes rhinestones on the King’s painted white jumpsuit.
The shows have brought in a number of people who might not come to more traditional exhibits.
“We’ve had a lot of Elvis fans; we’ve had people who remember the Louisiana Hayride, listening as they grew up, a lot who want to tell you their Elvis story,” Pell said. “Or they have the name of someone they knew who went to high school with Elvis we ought to call for their story.”
