1968; ‘Live a little, love a little’

Geschreven door

in

Op 4 maart 1968, amper een maand na de geboorte van Lisa-Marie, meldt Elvis zich aan bij MGM voor de start van zijn nieuwste film. De film heeft als werktitel ‘Kiss My Firm But Pliant Lips,’ maar dat zal gauw veranderen naar ‘Live a Little, Love a Little.’ Drie dagen later werkt Elvis aan de opnamen van de soundtrack, die toch uit hele sterke nummers bestaat! Op 15 maart vinden er opnamen plaats in Marineland, in een van de scènes is ook een klein rolletje weggelegd voor Elvis zijn vader Vernon. Tijdens de opnamen wordt in Elvis zijn thuisbasis Memphis, Dokter Martin Luther King vermoord op 4 april… Een week nadat Elvis en Priscilla hun eerste huwelijksverjaardag hebben gevierd, zit Elvis zijn werk erop voor deze film.
Wanneer de film op 23 oktober 1968 in de Amerikaanse bioscopen in première gaat, is Elvis reeds aan de soundtrack van zijn volgende film aan het werken, ‘The Trouble with Girls.’
** Verhaal; Greg Nolan (Elvis), fotograaf bij een krant in LA, trekt naar het strand met de bedoeling er wat oceaanbeelden te fotograferen en wat van de rust te genieten. Binnen enkele seconden wordt zijn strandlaken in beslag genomen door Albert, een gigantische Deense dog en zijn jonge, onverantwoordelijke bazin, Bernice (Michele Carey), een kunstenares die, naargelang haar stemming of de man van het moment, ook andere namen aanneemt. Alice, Betty, Mevr. Baby en Susie zijn enkele van haar aliassen. Ze vraagt aan Greg of hij met haar de liefde wil bedrijven en wanneer hij bevreesd reageert, stuurt ze Albert achter hem aan tot in de zee, waar ze hem gijzelt tot de zon ondergaat, en hem dan versuft en rillend van de kou meeneemt naar huis. Hij is te zwak om tegen te pruttelen wanneer ze hem in bed stopt en medicijnen toedient: niet verassend krijgt hij koorts. Verrassingen alom: de handelaars, waaronder de roodharige boodschappen jongen (Eddie Hodges) en melkboer (Sterling Holloway) weten goed hun weg in het huis en hebben elke een andere naam voor haar. Er is ook een ‘dode’ echtgenoot, Harry (Dick Sargent), die niet dood noch haar man blijkt te zijn.
Wanneer Greg naar de redactie terugkeert blijkt hij ontslagen te zijn en de redacteur beveelt enkele van zijn mannen om hem eruit te gooien – een ervan is Red West, die vecht als een geboren bokser. Hij komt er ook achter dat Bernice zijn spullen uit zijn appartement heeft verhuist, onder het mom dat ze zijn zuster, ‘Mevr. Baby’, is en alle achterstallige huur heeft betaald. Hij woont nu bij Bernice en de vooruitzichten zien er niet rooskleurig uit. Mensen komen en gaan en Harry heeft nog steeds een sleutel van het appartement waar hij zonder reden opduikt en verwijderd moet worden met een vuistslag wanneer Greg voor een etentje met Bernice arriveert en hem er ook aantreft, klaar om de champagne te ontkurken.
Greg is ervan overtuigd dat hij gek wordt en moet zo snel mogelijk een nieuw baan zien te vinden. Met zijn combinatie van agressieve aanpak, talent en charme heeft hij geen enkele moeite om niet een, maar zelfs twee jobs te pakken krijgen, bij reclamebureaus op twee verschillende verdiepingen, bij mannen die een totaal tegenovergestelde visie hebben op de reclame. Mike Lansdown (Don Porter) is een progressieve, wantrouwende bon vivant, die al zijn vrouwelijk personeel in een konijnenpakje stopt en een leven vol feesten leeft. Hij haat formele klederdracht en eist van Greg dat hij nooit een das draagt – ‘Het houdt de circulatie tegen’. Een verdieping lager, Louis Penlow (Rudy Vallee) is een ouderwetse traditionalist die erop staat in maatpak te komen werken. Bij Lansdown beginnen de werknemers om half tien, bij Penlow al om negen uur, wat de dynamische Greg net genoeg tijd heeft om zich te verkleden van zijn maatpak naar lossere kleren, en de trappen op en neer te rennen om zijn foto’s te nemen. Hij levert zo’n fantastisch werk en regelt alles netjes dat niemand ook maar iets vermoed tot wanneer de twee directeurs elkaar ontmoeten bij een van Lansdown’s fotosessies voor een magazine. Greg wordt op staande voet ontslagen maar bijna even rap terug aangenomen.
Ondertussen heeft Bernice een elegant appartement met een slaapkamer gevonden voor Greg, die ze alsmaar meer bemoederd. Hij is geschokt wanneer hij haar opmerkt onder de gasten bij een van Mike Lansdown’s ‘bijna alleen meisjes’ feestje. Wanneer hij een mooi model meebrengt van het feestje, Ellen, (Celeste Yarnell), stormt Bernice binnen met haar stofzuiger, het meisje wordt woedend en vraagt aan Greg om haar naar huis te brengen. Een klap volgt – Bernice ligt op de vloer, met Albert aan haar zijde. Greg belt de dokter, maar ze heeft enkel een buil op haar hoofd van de klap tegen de tafel. Om te herstellen ligt ze in het bed van Greg, want ze is ‘te ziek om te vervoeren’, en zweert dat ze te zwak is om hem te bespringen. Haar volgende tactische zet is een houten muur van Jericho oprichten (Zie ook Gable/Colbert in ‘It Happened One Night’) in het midden van het bed. Na een nacht gooit Greg de muur door het raam en ‘maakt haar een vrouw.’ Hiervan raakt ze zo in de war dat ze terugkeert naar Harry. Een boze Greg confronteert Harry in het strandhuis, dat altijd al van hem was. Hij laat ‘de beste winnen’, verteld Greg waar hij ze kan vinden en zwiert een halve vuistslag naar hem als wraak voor degene die hij zelf kreeg tijdens het etentje voorheen. Greg vindt Bernice op het strand waar ze elkaar voor het eerst hebben ontmoet met Albert, die zo opgaat in hun dialoog dat hij de score even maakt door Bernice de zee in te jagen wanneer ze tegen Greg zegt dat zijn kus haar niets doet. Hij loopt haar achterna in de zee, met zijn kleren aan zoals de eerste keer, om een passionele omhelzing te delen terwijl de golven over hen heen gaan. Albert krijgt de laatste close-up, kijkend in de camera een hoektand tonend om zijn mening te tonen voor de rare manieren van de tweebenige soort.
** Liedjes in de film; Wonderful World / Edge Of Reality / Almost In Love / A Little Conversation

Bron; The Elvis Film Encyclopedia

Meer berichten